Selecteer een pagina

Ik bladerde net door mijn eigen Psychopraat-website en zag dat mijn laatste blogartikel dateert van januari 2020. Ik schrok. Dat is al bijna twee jaar geleden! En weet je wat nog straffer is? Het artikel dat ik toen schreef, zou ik bijna net zo goed vandaag geschreven kunnen hebben. De titel is alleszins nog steeds van toepassing. Niet dat er niets veranderd is in die twee jaar hoor, integendeel. Nu ik er op terugkijk vind ik het jammer dat ik twee jaar lang niet geblogd heb, want ik had eigenlijk veel te vertellen. Het voelt nu een beetje alsof er twee jaar uit mijn boeiende maar uitdagende zoektocht ontbreken hier op Psychopraat. Ik speelde met het idee om een boek te schrijven over mijn hele zoektocht, maar het is toch altijd makkelijker om het op het moment zelf neer te schrijven dan dat gevoel achteraf opnieuw op te roepen en te beschrijven. Maar goed, ik wil nu toch graag enkele dingen vertellen over de afgelopen periode. Laat me jullie even bijpraten (of ja, -schrijven).

Teleurgesteld in Psychopraat

Naar aanleiding van mijn laatste blogartikel en een podcast over het solo-ondernemen, nam Judith contact met me op. Judith werkt als psycholoog/therapeut in het (voor mij) verre Limburg. Ze herkende zich in mijn verhaal en stelde voor om het er eens samen over te hebben. We hadden meteen een fijne klik en uiteindelijk spraken we elkaar bijna wekelijks een drietal uren via videocall. We brainstormden over onze ondernemersideeën, gaven elkaar een duwtje in de rug, erkenden elkaars angsten en stelden elkaar vragen om te ontdekken waar onze blokkades precies zaten. Het werden soms ook heel persoonlijke en bijna therapeutische gesprekken, want ook op persoonlijk vlak hadden we beiden wel wat gaande. 

Tijdens onze gesprekken werd me steeds duidelijk dat ik heel veel ondernemersideeën had, maar dat er toch steeds blokkades waren die maakten dat ik er niet voor ging. Hetgeen me het meest weerhield was mijn angst om veel energie te investeren in het ontwikkelen van iets, om er dan weinig voor terug te krijgen. Ik was bang dat het niet voldoende zou aanslaan, dat ik er niet voldoende geld mee zou verdienen, dat ik het zelf zou opgeven… Ik worstelde toen heel erg met het gevoel dat ik al zoveel had gegeven met Psychopraat en er te weinig voor had teruggekregen. Ik verlangde naar meer waardering, meer voldoening, meer inkomsten, meer enthousiasme van anderen en ook van mezelf. Ik voelde me boos op jullie, op mijn volgers en cursisten, ik vond dat jullie me te weinig waardering en erkenning gaven. Ik heb enorm veel deugd van de mailtjes en reacties die ik krijg, die kunnen mijn dag echt goed maken. Maar voor mijn gevoel ontving ik te weinig in verhouding met hetgeen ik investeerde. Ik spendeerde er niet alleen uren werk aan, maar ik gáf ook echt alles van mezelf. Ik stelde me enorm kwetsbaar en open op, wilde iedereen helpen… en ik werd er voor mijn gevoel te weinig voor beloond. 

Als ik hier nu aan terugdenk, merk ik dat dit gevoel gaan liggen is. Ik heb het afgelopen jaar ook weinig in Psychopraat geïnvesteerd. Ik deelde af en toe eens iets op sociale media en ik maakte een up-to-date-versie van de videocursus ’Starten als zelfstandig psycholoog’, maar daar bleef het bij. Ik nam even afstand, en die had ik misschien wel nodig. Ik besef nu ook dat ik zelf misschien onvoldoende consistent en zelfzeker was, waardoor ik minder terugkreeg of te veel verwachtte. Dat is trouwens een thema waar ik de laatste maanden ook in mijn privéleven zoekende in ben: hoeveel mag ik verwachten van de ander en wanneer moet ik het bij mezelf zoeken?

Ontdekken wat ik wil

Ik liet Psychopraat dus even rusten en nam intussen tijd om te ontdekken wat ik wilde, waar ik blij van werd. Op 12 juni 2020 begon ik met het bijhouden van een dagboekje. Niet dagelijks, maar wanneer ik de behoefte voelde om mijn gedachten te ordenen of ik dingen niet wilde vergeten. Ik nam wat meer tijd voor mezelf, ging bijvoorbeeld af en toe alleen wandelen, in de hoop te ontdekken wat me nu echt blij maakt. Rond die periode luisterde ik naar een podcast (De Kobe Show) waarin ceremoniespreekster Stefanie (van Merveil) geïnterviewd werd. Ik werd er helemaal enthousiast van. Misschien was dat wel iets voor mij, ceremoniespreker worden? Ik ben goed met mensen, ik kan empathisch luisteren en diepgaande vragen stellen, én ik kan wel wat schrijven en best vlot voor publiek spreken. Bovendien deed zij voornamelijk huwelijken, positieve gelegenheden dus, iets totaal anders dan die zware verhalen die ik als therapeut vaak hoorde. Stefanie had een videocursus over het starten als ceremoniespreker en in mijn impulsieve enthousiasme had ik me bijna ingeschreven. Gelukkig remde de hoge kostprijs me af en besloot ik om eerst goed uit te zoeken of dit echt iets voor mij zou zijn en ik hier echt mijn tijd en geld in wilde investeren. Ik had 0,0 ervaring met ceremoniespreken en dat idee was ook nooit eerder in me opgekomen. Ik plande een kennismakingsgesprek met Stefanie en besloot nadien het idee nog even te laten rusten en te kijken of mijn enthousiasme zou blijven of zou overwaaien. Intussen stelde ik aan een nicht die ging trouwen voor om haar ceremonie in elkaar te steken zodat ik het eens kon ervaren, maar zij ging voor een kerkelijke dienst dus dat kon helaas niet. Ik begon ook na te denken over de nadelen van ceremoniespreker zijn. Vooral de vele avond- en weekendwerkuren schrikten me af. Ik begon al te dromen over een kindje en zag die combinatie niet echt zitten. En zou mijn onzekerheid me ook in die job in de weg zitten? Wat als die mensen niet tevreden zijn met de ceremonie die ik voor hen gemaakt heb? Het gaat wel over de mooiste dag van hun leven! Kan ik trouwens wel goed genoeg schrijven om een pakkende, grappige ceremonie te maken? De (zelf)twijfel speelde op en het enthousiasme waaide over… Een teken dat het toch niet helemaal mijn ding was, of weer mijn onzekerheid die alles afbrak? Dat vind ik vaak nog een moeilijk onderscheid om te maken. Ik heb nu alleszins geen spijt dat ik hier niet verder mee ben gegaan, dus dan is het in dit geval vooral het eerste denk ik.

Ik ging verder op zoek. Ik heb een grote interesse in interieurstyling, die heb ik van mijn mama meegekregen. Als kind hielp ik al mee met verven en Ikea-meubels in elkaar zetten. Sinds ik samenwoon met mijn vriend, ben ik vaak bezig met het mooi maken van ons eigen huisje. Toen iemand die ik al een tijd online volgde een online interieurcursus lanceerde, besloot ik me in te schrijven. Dat was ergens in de zomer van 2020. Ik leerde boeiende dingen die ik in ons eigen huis toepaste en waar ik blij van werd. Ik begon te overwegen om een (gedeeltelijke) carrièreswitch te maken: halftijds psycholoog, halftijds interieurstylist. Misschien was dat wel de ideale combinatie? Maar hoe zou ik daar aan beginnen, van nul, zonder diploma of ervaring? Ook daar was ik bang dat ik uiteindelijk op hetzelfde probleem zou botsen als in mijn werk als psycholoog: mijn onzekerheid en angst om mijn klanten tekort te doen. Wat als ze niet 100% tevreden zouden zijn over mijn ontwerp? Het leek me wel een goed idee om het eerst eens uit te testen, een interieur voor iemand anders vormgeven. Zou ik dat wel leuk vinden? Ik had het immers nog nooit gedaan. Ik besprak het tijdens een videocall met Judith, en zij bood me de kans aan om haar nieuwe groepspraktijk te stylen. Dat zag ik helemaal zitten! Ik ging aan de slag met moodboards, maakte een shoppinglijstje,… Ik vond het heel leuk om te doen en voelde weinig angst om tekort te schieten omdat ik er niet voor betaald werd. Dat is toch ook altijd een ding dat meespeelt: ik wil mensen waar voor hun geld geven.

Ik startte in die periode ook een Instagramaccount dat ik ‘Binnenkijkenbijkim’ doopte. Ik wilde foto’s en filmpjes van mijn interieurprojectjes delen. En wie weet zou daar dan nog iets uit kunnen groeien… Eventueel toch een job als interieurstylist, of misschien als influencer op vlak van interieur? Ik nam me voor om er als hobby mee te beginnen en af te wachten of het ergens toe zou leiden. Maar ook dit project bracht weer wat worstelingen met zich mee. Ik twijfelde soms of ik dit wel wilde. Ik vond het heel leuk om met interieur bezig te zijn, inspiratie op te doen bij anderen en zelf inspiratie te delen, maar anderzijds merkte ik dat het me ook een bepaalde onrust en onvrede bracht. Ik zag altijd weer mooie dingen bij anderen en wilde steeds ook iets nieuws. Ik was dan soms niet meer tevreden met wat ik had én ik kreeg soms enorme keuzestress, want er was zoveel moois en ik moest kiezen. Ook gaven de perfecte plaatjes die ik overal zag me vaak het idee dat het ergens anders allemaal perfect opgeruimd en afgewerkt is, terwijl dat bij ons niet het geval is. Ik besefte natuurlijk ook wel dat dat enkel voor de foto was, net zoals bij mij, maar vond het dan net zo dubbel om alles mooi op te ruimen en te stylen voor de foto, terwijl dat niet overeenkomt met de realiteit. En in die dubbelheid zit ik eigenlijk nog steeds. Ik ben nog steeds dagelijks Instagram aan het afschuimen voor allerlei inspiratiefoto’s en heb zelf steeds nieuwe projectjes in ons huis, die ik dan deel op mijn account. Ik laat bewust ook wel de minder perfecte plaatjes en worstelingen (keuzestress, dingen die mislukken,…) achter de schermen zien in mijn Instagram-verhaal of op YouTube. Want ja, ik begon enkele maanden geleden – toen ik stopte met werken en meer tijd had – ook weer een YouTubekanaal, Binnenkijkenbijkim, waar ik inspiratie uit mijn leven wilde delen (interieuraankopen en – projecten en ook babydingen, want oh ja, mocht je het gemist hebben: ik ben intussen 8 maanden zwanger!). En zo is Binnenkijkenbijkim tot op vandaag nog een twijfelgeval: maakt het me nu echt gelukkig om dit te delen en anderen hiermee te inspireren, of leg ik mezelf (en anderen) hiermee druk op om alles mooi en perfect te maken terwijl dat niet realistisch is, me veel keuzestress oplevert en veel geld kost? Een vraag waar ik misschien eens heel bewust bij stil moet staan en waar ik graag een antwoord voor mezelf op zou vinden. Nu voelt het weer als iets wat ik half-en-half doe, niet consistent, en waarbij ik dan weer wat teleurgesteld ben dat ik er niet genoeg mee ‘bereik’ (volgers, likes,…).

Oh ja, en dan deed ik nog iets, ik zou het bijna vergeten. In september 2020 schreef ik me redelijk impulsief in voor een schrijverscursus bij de lokale kunstacademie. Ik volgde er elke vrijdagavond les. We kregen opdrachten in allerlei literaire genres. Het was heel leerrijk, ik werd soms echt uit mijn comfortzone getrokken. Ik vond het vaak moeilijk om mijn fantasie de vrije loop te laten. Enerzijds werd mijn passie voor schrijven, die ik van kinds af aan heb, opnieuw aangewakkerd. Anderzijds merkte ik ook dat ik misschien toch niet per se verder wilde in het literair schrijven, dat schrijven voor mij eerder een uitlaatklep is, een manier om mijn gedachten te ordenen en te delen. Laat mij maar gewoon neerschrijven wat er spontaan komt, zonder dat ik er te veel over moet nadenken. Hoewel ik het experimenteren en knutselen met taal ook wel heel boeiend vond. Ook hier weer een dubbel gevoel dus. Legde ik hier ook de lat weer te hoog voor mezelf?

Ik merk dat ik vaak en snel mijn hobby’s of bezigheden aan iets werkgerelateerd koppel. Dat komt vooral omdat ik graag als zelfstandige werk maar mijn aantal cliënten wilde afbouwen. Ik wilde graag iets om het therapeut zijn mee af te wisselen en die inkomsten te compenseren. Maar door elke hobby meteen te zien als een potentiële bron van inkomsten, leg ik mezelf misschien te veel druk op waardoor ik vast geraak?

Persoonlijke pijn en groei

Ergens in maart 2021 besloot ik afstand te nemen van mijn werk als therapeut. Ik heb het gevoel dat ik nog wel door had kunnen gaan zoals ik bezig was, met goeie dagen (lees: tevreden en soms zelfs trots op mijn therapeutisch werk) en slechte dagen (lees: onzekerheid, gevoel cliënten tekort te doen, idee er beter mee te kunnen stoppen). Eigenlijk voelde ik al jaren dat het therapeut zijn en vooral de onzekerheid waarmee ik daaromtrent kampte veel van me vroeg. Ik vreesde al lang voor een burn-out. Ondanks dat ik al jaren steun zocht in supervisie en intervisie, bleef mijn onzekerheid groot. De feedback of input van anderen bracht me vaak net nog meer aan het twijfelen. Op een bepaald moment werd het heel erg. Ik had een externe supervisor voor de therapie-opleiding en voelde me vaak bekritiseerd door haar feedback, waardoor ik blokkeerde. Ik barstte in tranen uit of ging mezelf verdedigen. Ik kreeg gelukkig veel steun van de docenten van de opleiding, en ging op zoek naar een andere supervisor. Ik voelde me eerst heel goed bij de nieuwe supervisor, maar op een bepaald moment keerde dat ook en botste ik eigenlijk op hetzelfde als bij de eerste supervisor: ik voelde me beoordeeld en te streng aangepakt, had het gevoel dat ik niet kreeg waar ik op zoek naar was in supervisie. Dat bracht enorm veel verdriet naar boven. Het voelde als een verdriet dat van veel dieper leek te komen.

Ook droomde ik regelmatig over mijn werk en over hoe ik cliënten kon helpen. Ik had de laatste maanden momenten tijdens therapiesessies met cliënten dat ik uit onmacht of onzekerheid had kunnen wenen. Er was zelfs een moment dat ik het gevoel had dat ik door mijn benen had kunnen zakken toen ik opstond om een cliënt te helpen met stoelenwerk. Intussen was ik ook zwanger (dat ontdekte ik half februari 2021) en werd ik ’s nachts vaak wakker met buikpijn van de stress. Dat was voor mij de druppel, dat wilde ik niet voor mezelf en zeker niet voor onze baby. Dus besloot ik – na twijfelen en overleg met mijn intervisiegroepje – dat ik afstand wilde nemen. Ik ging naar de huisarts en kreeg ziekteverlof. Sinds maart ben ik dus voorlopig gestopt met mijn werk als therapeut. Ik heb ook beslist om de therapie-opleiding op pauze te zetten. Ik heb mijn tweede jaar afgewerkt maar ga dit jaar niet verder. Ik wil eerst focussen op mijn baby en uitzoeken of ik nog therapeut wil zijn. Het begint nu wel steeds meer te kriebelen om toch weer cliënten te zien, maar ik ben ook bang om opnieuw in dezelfde spiraal terecht te komen.

Waarschijnlijk denk je nu: je gaat dan toch zelf hulp zoeken? Maar ik moet zeggen dat ik aan het begin van de zomer net heb besloten om even geen professionele hulp meer te zoeken. Ik was al enkele jaren in leertherapie om aan mijn ‘issues’ te werken, vnl. mijn onzekerheid (in mijn werk), mijn sterke innerlijke criticus, mijn onrust en perfectionisme. Ik had ook groepstherapie vanuit de opleiding. De opleiding was sowieso heel veel zelfreflectie. Ik was na ongeveer anderhalf jaar ook al eens van therapeut veranderd, onder meer omdat mijn eerste supervisor vond dat er onvoldoende vooruitgang was in het milderen van mijn innerlijke criticus. Dat vond ik zelf ook, maar tegelijk vond ik het ook vervelend dat er een druk kwam te liggen op mijn persoonlijk therapieproces. Ik legde mezelf al veel druk op, en dan kreeg ik ook nog het gevoel dat er van mij verwacht werd dat ik snel die criticus leerde temmen, aangezien die mijn groeivermogen en werk als therapeut belemmerde. Wat zeker klopte, maar ik heb altijd geleerd dat een criticus verwijten en proberen weg te duwen niet werkt. Integendeel, hij heeft erkenning nodig, begrip voor zijn bestaansreden, voordat hij getemperd kan worden. En die erkenning heb ik onvoldoende gekregen in supervisie. Ik kreeg dan te horen dat supervisie niet de plaats was voor individuele therapie, maar dat vond ik enorm moeilijk. Alsof het twee te scheiden onderdelen zijn, mijn persoonlijk proces en mijn positie als therapeut. Als ik er tijdens supervisie op botste, dan wilde ik het daar verder exploreren en er daar iets mee doen. Mijn supervisoren hebben uiteindelijk wel hun best gedaan om me daar nog verder in te helpen, maar dat lukte nog heel moeilijk, voor mij leek er al iets gebroken te zijn. 

Zelftwijfel en angst om anderen tekort te doen zijn dus duidelijk wel mijn ‘main issues’. Dankzij leertherapie en de dingen die ik in de therapie-opleiding leerde, begon ik de afgelopen jaren steeds beter te begrijpen waar dit vandaan komt. Dat was verhelderend, maar ook pijnlijk en moeilijk. Er kwam veel verdriet en kwaadheid naar boven, waar ik weinig erkenning voor kreeg in mijn familie. Gelukkig werd ik heel erg gesteund door mijn vriend, mijn therapeut en enkele vriendinnen, maar het was en is nog steeds een moeilijk proces. Ik voel dat ik aan het groeien ben als persoon, maar ik merk ook dat het een traag proces is. Ik merk dat ik al met wat meer mildheid naar mezelf en anderen kan kijken, dat ik mijn emoties beter kan toelaten en durf uitkomen voor wat ik voel. Daar ben ik echt blij om. Maar tegelijk frustreert het me dat ik op werkvlak nog steeds niet weet wat ik wil en ben ik bang dat mijn onzekerheid daar nog steeds even aanwezig zal zijn…

En nu?

En nu? Dat is de vraag die ik vaak krijg en mezelf nu ook stel. De afgelopen maanden ben ik er eigenlijk niet zo fel mee bezig geweest. Ik had een tijdelijke job aangenomen bij het onthaal van het gemeentehuis om even iets totaal anders te kunnen doen. Ik ben ook veel bezig geweest met me voorbereiden op de komst van ons kindje. Dat deed deugd, even afstand van het therapeut-zijn en gewoon ‘simpel leven’: niet te veel druk en verwachtingen, mezelf niet continu in vraag moeten stellen. Maar toch voelde ik het naarmate de tijd vorderde steeds meer kriebelen om toch terug te gaan ondernemen, om als zelfstandige te werken. Het geeft me een goed gevoel om mijn eigen ding te kunnen doen, om flexibiliteit en vrijheid te hebben in mijn werk, om zelf te kunnen kiezen wat ik wil doen en verschillende projecten te combineren. Vorige week startte ik met een online ondernemerscursus om – voor de komst van de baby – nog eens uitgebreid stil te staan bij wat ik nu in de toekomst wil. Ik voel veel enthousiasme over het ondernemen op zich. Ik vind het leuk om zelf iets te creëren en anderen daarmee te inspireren of te helpen. Ik word blij van het ‘mooimaken’ van dingen (een website, een logo, een e-book, een praktijkruimte,…), ik word blij van het uitschrijven van dingen (teksten voor websites, cursussen,…), ik word blij van anderen iets bij te leren, ik word blij van anderen in de diepte te mogen leren kennen (zonder dat ik het gevoel heb dat ik iets voor hen moet oplossen)… En ik voel vooral dat ik heel graag enthousiasme en voldoening wil voelen in mijn job. Maar wat wil ik dan concreet gaan doen? Daar ben ik nog niet aan uit. 

Natuurlijk heb ik weer verschillende ideeën: nieuwe cursussen voor Psychopraat (bv. ‘Maak een waardevolle website’), een online cursus voor cliënten (over emotieregulatie en de impact van de kindertijd op onze persoonlijkheid), een groepstherapie voor cliënten, dieptesessies voor cliënten,… Die dingen vind ik belangrijk en boeien me heel erg, maar ik blijf vaak wat vastzitten op het concreet vormgeven van de inhoud. Of misschien wil ik meer focussen op die dingen die me blij maken en die wat ‘lichter’ zijn: vormgeving, styling, storytelling… Misschien kan ik anderen (psychologen of ook andere ondernemers) gaan helpen met het vormgeven van hun praktijk/bedrijf, helpen met hun website, hun logo, hun verhaal, hun cursus/e-book, de manier waarop ze zich laten zien… 

Ik ga dus nog wat verder in de diepte uitzoeken wat ik wil, en probeer dat nu vooral vanuit mijn gevoel te doen (waar voel ik me enthousiast over? waar voel ik blokkades? wat is het precies dat me tegenhoudt, waar zie ik tegen op, waar ben ik bang voor?) i.p.v. met mijn verstand (wat heb ik al? waar heb ik het diploma voor? waarmee kan ik het makkelijkst geld verdienen?). Ik ben benieuwd waar het me brengt…

Ja, het is weer een hele lap tekst geworden… Maar wat wil je, ik had twee jaar in te halen Het heeft me deugd gedaan om nog eens alles op een rijtje te zetten en te reflecteren over de afgelopen jaren. Tegelijk geeft het me ook een vervelend gevoel, een gevoel van vastzitten. Ik wil zo graag een toekomstidee hebben (tenminste voor het komende jaar), één waar ik echt enthousiast van word!

Bedankt voor het lezen van mijn hersenspinsels. Ik ben benieuwd wat er bij jou opkomt als je dit leest, dus laat het me gerust weten in een reactie hieronder of in een mailtje. Misschien herken je er iets van, misschien heb je een advies of inzicht voor mij, of misschien wil je nog iets vragen… Alles is welkom