Ik doe mijn cliënten tekort, ik kan er beter mee stoppen…

9 jul 2019 | Zelfstandig psycholoog | 5 reacties

‘Ik doe mijn cliënten tekort, ik kan er beter mee stoppen…’ Een gedachte die de afgelopen drie jaar al verschillende keren door mijn hoofd gegaan is.

Met momenten kan ik ontzettend onzeker zijn. Dan heb ik het gevoel dat ik mijn cliënten niet genoeg ‘resultaat oplever’. Dat ze beter af zijn bij een andere psycholoog of therapeut, die het wél goed doet. 

Anderen proberen me dan telkens weer te overtuigen dat ik het wel goed doe. Dat mijn cliënten blij zullen zijn met een psycholoog zoals ik. Dat het goed is dat ik kritisch ben en mezelf in vraag stel, dat ik altijd zo mijn best doe, dat ik mezelf voortdurend bijschool, dat ik in supervisie ga, aan intervisie doe… dat ik niet meer kan doen. Dat we als psycholoog uiteindelijk maar een beperkte rol hebben, dat we dingen niet voor de mensen kunnen veranderen, dat verandering in de kleine dingen zit, dat het een proces van lange duur is…

Maar op die onzekere momenten kan niemand me overtuigen. Soms gaat het zelfs verder, en trek ik ons hele beroep in twijfel. Wat kunnen wij psychologen eigenlijk bijdragen? We weten het niet, hebben geen oplossingen… Oké, we kunnen luisteren en erkennen en samen zoeken… Maar is dat echt de moeite en het geld waard?

Gelukkig gaan die onzekere momenten en kritische gedachten ook weer voorbij, en laat ik me er niet door tegenhouden. Ik denk dan weleens dat ik er beter mee kan stoppen, maar toch doe ik altijd verder. Omdat ik het graag doe. En omdat ik diep vanbinnen wel weet dat ik het goed doe en iets kan betekenen, ondanks dat ik nog veel kan bijleren.

Is die onzekerheid herkenbaar? 

Dan zet ik speciaal voor jou (en voor mezelf ) nog eens alle tegenargumenten op een rijtje! Op onzekere momenten zal je ze misschien niet willen geloven, maar hopelijk dringen ze nadien toch tot je door en wortelen ze zich steeds een beetje dieper! 

 1) Cliënten zijn zelf verantwoordelijk voor hun (veranderings)proces

Ik ben er van overtuigd dat elke cliënt diep vanbinnen wil dat er iets verandert, anders zouden ze niet zoveel geld uitgeven aan een psycholoog. Ze lijden ergens onder, en dat vindt niemand fijn. Toch merk ik dat er veel clienten zijn die zelf weinig verantwoordelijkheid nemen om dingen in beweging te brengen. Soms is er nog (onbewuste) weerstand tegen verandering. Die kan je als psycholoog wel benoemen, maar je kan deze niet voor je cliënt doorbreken. Dat moet je cliënt uiteindelijk zelf doen.

Maar hij moet er klaar voor zijn. Misschien is er eerst nog meer erkenning nodig? Ik merk bij mezelf dat ik soms moeite heb met erkenning te blijven geven als ik het gevoel heb dat er niets verandert, maar dat komt eigenlijk omdat ik dan bang ben dat ik mijn werk niet goed genoeg doe. Dat ik niet genoeg resultaat oplever. Dat ik alleen maar luister en erken, maar dat er niets verandert. Maar vaak is dat net wat nodig is op dat moment: luisteren, mild zijn voor de weerstand, geduld hebben… Dat betekent vaak heel veel, want er is vaak niemand anders die dat voor de cliënt doet.

Jij begeleidt het proces, hebt geduld… En dan is het aan je cliënt. 

Ik geef toe dat ik zelf ook soms verwacht dat mijn leertherapeut mijn klachten oplost voor mij. Helaas is dat niet het geval. Ik wil minder perfectionistisch en onzeker zijn. Maar na een jaar in therapie, ben ik dat nog steeds… Natuurlijk weet ik dat zoiets niet in 1 2 3 opgelost kan worden, en dat zij geen toverstaf heeft. En ondanks dat ik zelf geloof in Cliëntgerichte Therapie, hoop ik toch ergens dat ze mij bepaalde dingen zegt of aanleert, zodat ik mijn probleem kan aanpakken. En liefst zo snel mogelijk. Maar wanneer ik haar dat zeg, legt zij het heel vriendelijk weer bij mij. Zij lijkt zich niet verantwoordelijk te voelen voor de verandering in mij. Ze heeft veel geduld en ze gelooft er wel in dat het zal veranderen. Ze ziet zelfs dat er al stapjes naar verandering gezet zijn, ook al zie ik ze zelf niet altijd meteen. En dat is waarom ik toch blijf gaan. Het gaat alleen niet zo snel en niet zo makkelijk als ik zou willen. Maar als ik heel eerlijk ben met mezelf, weet ik wel dat er al dingen veranderd zijn. En dat er geen andere weg is dan deze… The hard way. 

2) Cliënten zijn vrij om de therapie stop te zetten wanneer ze willen

Als de cliënt vindt dat de therapie hem niet helpt, dan kan die ervoor kiezen om ermee te stoppen. Op onzekere momenten denk ik dan: ja maar, ze blijven misschien komen omdat ze hopen dat er nog iets gaat veranderen. Omdat ze nu al zoveel sessies betaald hebben, dat ze blijven komen in de hoop dat het niet allemaal voor niets geweest is. Dat herken ik bij mezelf ook. 

Maar anderzijds weet ik ook dat ik bij verschillende therapeuten en supervisoren langsgeweest ben, en dat ik vaak al snel voelde dat ik niet tevreden was. En dan stopte ik ook gewoon. Bij deze blijf ik wel gaan, dus ik moet er toch wel iets aan hebben.

Cliënten die blijven komen, zullen dus ook echt wel iets aan jou hebben. Misschien niet zoveel als zij zouden willen, of als jij hen zou willen geven, maar toch iets dat de moeite waard is om voor terug te komen.

Voor mij helpt het om de begeleiding af en toe met mijn cliënten te evalueren. Dan maak ik ruimte voor feedback, peil ik naar wat hen al heeft geholpen en wat niet, wat ze fijn vinden en wat ze missen, waar ze nu naartoe zouden willen werken,… Dat kan gewoon in gesprek, maar je kan hiervoor ook een vragenlijst opstellen. 

3) Onzekerheid hoort bij de job

Psychologie en zeker psychotherapie is geen exacte wetenschap. Het is niet ja of nee, zwart of wit. Het is een wereld van ‘misschiens’ en grijstinten. We weten het nooit helemaal zeker. Er zijn geen harde bewijzen. We zullen dus altijd met onzekerheden blijven zitten. 

In plaats van daar tegen te vechten, denk ik dat het beter is om deze te aanvaarden. Om mild te leren zijn voor jezelf én voor je cliënt. Om ruimte te maken voor je onzekerheden en twijfels, en deze met anderen te delen (bv. in intervisie, supervisie, leertherapie,…). Ze delen alleen al maakt ze een pak draaglijker. Maar laat je er alsjeblieft niet door tegenhouden om te doen wat jij graag doet. 

4) Zelfreflectie is een voorwaarde in ons beroep

Jezelf als psycholoog in vraag stellen is heel belangrijk. Ondanks dat het soms wat té is en het erg vermoeiend kan zijn, ben ik er fier op dat ik mezelf in vraag blijf stellen en niet zomaar denk dat ik alles weet. Ik vind de niet-wetende houding van de therapeut net heel mooi. Het zorgt voor gelijkwaardigheid tussen therapeut en cliënt, waardoor cliënten zich vaak veiliger voelen om hun diepste gevoelens te delen.

Het is goed om te reflecteren op de manier waarop je als psycholoog of therapeut aanwezig bent bij je cliënten en je af te vragen hoe het beter zou kunnen. Maar nogmaals: laat je niet verlammen door die soms erg strenge innerlijke criticus. Als al diegenen die over zichzelf twijfelen zouden stoppen, blijven enkel diegenen die denken het allemaal te weten over. Dan zou ik me pas echt zorgen beginnen maken!

Wat voor mij helpt om te reflecteren is na elke sessie (of ’s avonds na alle sessies) terug te blikken op de sessie(s) en te noteren hoe ik aanwezig was in de sessie, wat ik gedaan heb… Los van de concrete inhoud en vanop afstand, vanuit een soort helikopterview, alsof je iemand anders aan het evalueren bent. Dat helpt om een neutrale houding ten opzichte van mezelf te kunnen aannemen en zowel positieve en als negatieve zaken vast te stellen. Anders blijven vaak enkel de negatieve hangen.  

5) Je kan niet iedereen helpen

Als psycholoog moet je je er – net als een dokter of kapper – bij neer leggen dat je niet iedereen kan helpen of tevreden kan stellen. Dat is nu eenmaal zo. Misschien is iemand beter gebaat bij een andere aanpak, misschien is er een betere klik met een andere psycholoog, misschien staat de cliënt er (nog) niet voldoende voor open,… Er kunnen heel veel redenen zijn waarom de therapie uiteindelijk ‘niet werkt’. 

Dat wil niet zeggen dat het aan jou ligt! 

Bovendien geloof ik dat cliënten altijd wel iets leren of meenemen uit elke sessie of therapie, al is het maar wat ze niet willen… En jij als therapeut ook!

 6) Therapie is een langdurig proces

Vaak kost het heel wat tijd om vastgeroeste patronen te doorbreken. Het hangt er natuurlijk van af wat het probleem is en op welke manier je resultaat wil, maar vaak is therapie een proces dat máánden en zelfs járen kan duren. Ik heb vaak het idee dat het bij andere psychologen veel beter en sneller gaat, maar dan lees of ik hoor ik dat cliënten bij anderen ook jaren in therapie zijn en besef ik dat het gewoon veel tijd vraagt om dingen in jezelf te veranderen, aanvaarden,… 

Leg jezelf dus niet te veel tijdsdruk op en stel ook je cliënt gerust door aan te geven dat het normaal is dat verandering tijd vraagt.  

7) Verandering begint met kleine dingen

Verandering vraagt tijd en gaat ook met kleine stapjes. Niemand kan na enkele sessies van onzeker naar zelfzeker gaan. Dat gebeurt in kleine stapjes, met vallen en opstaan. Het is ook geen constante stijgende lijn, het gaat vaak op en af, maar uiteindelijk zit er meestal wel een stijgende trend in. Ik teken vaak zo’n soort lijn om dit aan mijn cliënten duidelijk te maken:

grafiek veranderingsproces

Leg de lat dus niet te hoog, verwacht niet te veel van jezelf en van je cliënt. En probeer steeds te zien wat er wel evolueert, en dit ook naar je cliënt toe te benoemen, want die ziet het vaak zelf heel moeilijk. Ook al voelt het niet zo, elke stap is een stap vooruit, want elke keer heb je weer iets nieuw bijgeleerd dat je ervoor nog niet (goed genoeg) wist. 

De juiste cliënt bij de juiste therapeut

Zoals uit onderzoek blijkt, is het belang van de therapeutische relatie niet te onderschatten. Dit zou zelfs 30% van het effect van therapie bepalen! 

Ik geloof en heb zelf ook ervaren dat de veelbesproken ‘klik’ tussen cliënt en therapeut heel belangrijk is. Natuurlijk kan je je best doen om cliënten op hun gemak te stellen, maar sowieso zal het niet met iedereen klikken. Dat is heel normaal en dus heel oké. Bovendien is het voor niemand fijn om samen te werken als je voelt dat die klik er niet is. Zowel jij als je cliënt zullen meer voldoening uit de samenwerking halen als jullie een klik hebben. 

Ik merk dan ook dat ik het belangrijk vind om de juiste cliënten aan te trekken, diegenen die passen bij mij en mijn aanpak. Dat doe ik door mijn visie op therapie zo duidelijk mogelijk te communiceren op mijn website en ook tijdens het eerste gesprek.

Is het voor jou nog niet helemaal duidelijk wat jouw visie precies is? Of weet je niet goed hoe en waar je deze best kan communiceren? Dan help ik jou graag tijdens het begeleidingstraject ‘Groeien als zelfstandig psycholoog’.

 

 Om te besluiten: stop rushing things that need time to grow. Geef jouw cliënt de tijd om te groeien, probeer het niet te forceren vanuit je eigen onzekerheid dat je het niet goed genoeg doet. Daar doe je niemand een plezier mee. Gun jezelf als therapeut ook de tijd om te groeien. Het is normaal dat je in het begin nog veel moet leren, maar iedereen is van nul moeten beginnen. En pas door te doen kan je leren! Bovendien doe je als beginner vaak nóg meer je best en kan je nog vrijer denken, wat dan weer voordelen zijn van nog groen achter je oren te zijn

Wees dus niet te streng voor jezelf en probeer vooral te focussen op wat je wél al goed doet. Vraag het ook eens aan je cliënten. En natuurlijk mag je gemotiveerd zijn om te groeien. Maar je kan niet lopen vooraleer je kan stappen

Nu, zoals ik al zei, ik zou deze dingen ook nog regelmatig tegen mezelf moeten zeggen, hoor. Soms neemt de onzekerheid het even over. Maar ik laat me er niet door verlammen. Ik blijf mijn werk met goede intenties en grote inzet doen. En ergens diep vanbinnen weet ik wel dat ik echt wel iets – en soms zelfs heel veel – voor mijn cliënten beteken. PS: Voel jij dat je nood hebt aan ondersteuning bij je opstartproces als zelfstandig psycholoog? Dan help ik je graag! NU VRIJDAG start het begeleidingstraject ‘Groeien als zelfstandig psycholoog’, en je kan nog inschrijven! 

 

Heb je interesse, maar misschien nog vragen of twijfels? Stuur me dan als de bliksem een mailtje terug, en dan bekijken we samen op het traject iets voor jou is!

5 Reacties

  1. Cindy

    Beste Kim,
    Vanuit de kern van mijn hart, een warme dankjewel dat je dit doet. Dat je zo open schrijft. Ik ben zelf ook klinisch psycholoog, bijna 28 jaar en reeds 3,5 jaar aan de slag in het werkveld. Ik herken mezelf in jouw grote capaciteit aan zelfreflectie, vergezeld van een soms verlammende onzekerheid (een onzekerheid die emotioneel diep in mijn identiteit ingeworteld zit, ook al weet ik rationeel vaak zo veel beter dan dat). Jouw schrijven geeft me erkenning: ik ben niet alleen. Maar bovenal, you practice what you preach: je toont dat het kan, dat onzekerheid niet je waarde als mens of hulpverlener hoeft te doen afnemen. Ik schrijf dit als een magere poging om aan te geven hoeveel deugd het doet om jouw blog te lezen, op dit moment in mijn leven. En voor mij geef je er andere mensen ook een zeker bestaansrecht mee. Ik word er warm van.
    Ik lees over je onzekerheid en mag bij mezelf voelen, “ok, ik ben okee”.
    Ten slotte betrap ik mezelf er ook op dat ik niet wil schrijven “je bent onzeker”, maar “je hebt last van onzekerheid” Immers, conform mijn eigen proces geloof ik dat onzekerheid komt door een gebrek aan positieve en aanmoedigende hechtingsfiguren en/of het gebrek aan internaliseren van positieve feedback over de eigen persoon. Dit schrijf ik in een poging niet langer met de onzekerheid samen te vallen. En dan besef ik, aan de andere kant staat aanvaarding. Enfin, nog een lange, maar ongetwijfeld boeiende weg te gaan. Bedankt voor je schrijven, het helpt!

    Antwoord
    • Kim

      Dankjewel Cindy, jouw reactie is ook hartverwarmend en heel helpend voor mij! Mooi om het te benoemen als ‘last van onzekerheid’ en er zo niet mee samen te vallen! Veel succes nog op je pad naar minder last van onzekerheid

      Antwoord
  2. houtje

    Die tegenargumenten vind ik knap geformuleerd. Misschien kan je er een mantra van maken om tegen jezelf te zeggen op momenten wanneer je het nodig hebt. Een mantra symboliseert de argumenten in al haar nuance zoals jij ze kent, maar maakt het praktisch gezien makkelijker om mee te werken. Dit omdat je enkel de mantra en het geassocieerde gevoel moet oproepen; je moet geen hele tekst beginnen lezen.
    Een tweede ding dat misschien wel belangrijk is, is dat vooraleer je de tegenargumenten gebruikt, je jezelf ontvankelijk kan maken voor deze nieuwe programmatie. Vooraleer de nieuwe “code” met succes kan geïnstalleerd worden, dien je het oude programma te ontmantelen. Voor mij persoonlijk gaat dat proces als volgt:
    1. je ervaart een negatief gevoel en er is bewustzijn hier van.
    2. je maakt het even stil en keert binnen jezelf. Vaak helpt het om een beeld te creëren in de geest dat het gevoel/de gedachte symboliseert. Wat meestal werkt, is om jezelf als kind in herinneren; en die momenten op te roepen waarvan je voelt dat ze de wortel van het trauma zijn. Soms lijkt het alsof het trauma begint bij bv. een ex-lief of zo, maar meestal is dat slechts een herhaling van het patroon en kent het patroon nog minstens één (meestal meerdere) iteraties die er voor komen. Je kan dit symboliseren adhv. de vicieuze cirkel, of de spiraal; zolang trauma niet herkend en vergeven is, blijft het onbewuste nieuwe expressies van ditzelfde principe aantrekken en manifesteren opdat je op een bepaald moment zou wakker worden. Bekijk het originele trauma als een code die op een bepaald moment in het lichaam is geprint. De geest is er zich niet van bewust. Maar onbewust blijft die code nog steeds instructies geven aan de geest. Diezelfde code zal zich dus -als bij wonder- blijven manifesteren in de wereld rond je. Zoals Jung al zei: “Until you make the unconscious conscious, it will direct your life and you will call it fate.”
    3. je vergeeft jezelf door dat beeld of jezelf als kind een denkbeeldige knuffel te geven -of iets dergelijk. Zolang het maar iets is waarmee je de intentie van liefde weet over te brengen. Vergeven is immers niet het loslaten van woede of schaamte: vergeven is liefde geven aan datgene waarvan je weigert het liefde te geven. Het loslaten is dan een natuurlijk gevolg dat geen actieve handeling vereist.
    4. wanneer je de liefde voelt die je net aan jezelf hebt gegeven mag je natuurlijk even in dat gevoel blijven zitten want dat is best wel prettig. Daarna kan je overgaan tot de mantra. De mantra is een woord- of klankconstructie die je zelf maakt. Er zit geen vaste logica achter, het is iets waar je je creativiteit de vrije loop mee mag laten gaan. Je kan bijvoorbeeld de tegenargumenten reduceren tot telkens 1 kernwoord per puntje. Dan pak je van elk woord de eerste letter. Dan probeer je er een woord of een sequentie klanken mee te maken die je gemakkelijk kan onthouden. Het moet niet super strict zijn allemaal; zolang je de mantra kan onthouden en er het gevoel van je tegenargumenten mee kan associëren, is het goed. Maak het persoonlijk, maak het iets van jezelf voor jezelf; een cadeautje aan jezelf.
    5. Dit werkt enkel door herhaling; het is zoals je zelf ook zegt niet een momentopname maar een proces. Dit omdat de oude programma’s in onze geest een onbewuste wortel hebben. Vaak door een pijnlijk moment in het verleden dat we destijds niet hebben toegelaten. Die pijn zit dus ergens opgeslagen in het lichaam als trauma. Door met de geest op zoek te gaan naar de wortel, de eerste herinnering van dat trauma en het terug op te roepen en te voelen, transmuteren we het van het lichaam naar de geest en uiteindelijk naar … de aarde? Ik weet zelf niet waar het naartoe gaat. Misschien is het eerder een soort “verdampen” of zo, geen idee. Ik weet alleen dat als je het trauma oproept en je het voor je ziet in je verbeelding en jezelf dan een knuffel geeft of zo iets, dat er een krachtige emotionele catharsis/loslating plaatsvindt. Dat kan soms wel een aantal minuten duren waarna je jezelf letterlijk lichter voelt. En op dat moment kan ik mijzelf nieuwe suggesties geven m.b.v. een mantra.
    Naar mijn ervaring werkt dit proces vele malen efficiënter. Je kan het echter ook niet gaan forceren: bij mij is het meestal in een moment van pijn, gevolgd door een soort inspiratie dat ik plots m’n ogen dichtdoe en het stil maak in en rond mijzelf en op zoek ga naar het beeld van de wortel van die pijn. Die momenten van inspiratie zijn meestal de meest krachtige sessies in mijn geval. Soms kan je het ook tegen je zin doen en komt de inspiratie terwijl je op zoek bent in de geest naar de wortel. Ik wil eigenlijk gewoon zeggen dat het allemaal niet zo rigide hoeft te zijn; de beste dingen ontstaan als je er spelenderwijs mee omgaat. Of da’s mijn ervaring alleszins.
    In jouw geval is het ook wel interessant om op zoek te gaan naar de oorsprong van dat gevoel van machteloosheid. Ik herken het ook. In mijn late tienerjaren tot vroege adolescentie had ik daar enorm last van. ’t Was voor mij een soort teleurstelling die ik projecteer(de) op de wereld. Wat voor mij hielp, was om in te zien dat ik eigenlijk die teleurstelling in mijzelf bestendigde. Kritische ouders met bepaalde verwachtingen die niet de lijn lagen met mijn eigen verlangens en noden waren voor mij de wortel van het trauma. Niet m’n ouders hun fout, noch die van mij. ’t Was gewoon een ongelukkige “match”. Zij hadden graag een zoon die netjes alles orthodox en volgens de regeltjes van de samenleving deed, maar ik wou liever m’n eigen ding doen, m’n eigen pad bewandelen. Natuurlijk creëert zo’n mismatch meestal een hoop pijn maar tegelijk ook de mogelijkheid om iets interessants te ervaren en/of leren. Helaas besefte ik dat toen nog niet en bleef ik m’n trauma dan maar opzoeken en aantrekken in de liefde; in de vorm van partners die ik nooit of nooit volledig kon bevredigen, hoe hard ik m’n best ook deed. En wanneer je ziet dat je partner ongelukkig blijft, ongeacht alle energie en liefde die je er in stopt, dan komt er een punt waarop je beseft dat het wellicht nooit genoeg zal zijn als je blijft geven. En dan is de laatste gift die je kan geven één van afscheid nemen. Zo is het leven soms. Zoals je zelf zegt: je kan niet élke client helpen. Afscheid nemen is in sommige gevallen het meeste liefdevolle dat je iemand kan gunnen. Maar dit is niet makkelijk: je moet immers heel eerlijk tegen jezelf zijn: neem je afscheid omdat je niet kàn/wil helpen? Of neem je afscheid omdat je WIL helpen? Er zit ogenschijnlijk een kleine nuance tussen die twee, maar geloof me, die nuance is een hele wereld van verschil!
    Als psycholoog neem je een client bij de hand en ga je samen op reis door hun geest. Om het heel cru te zeggen, ga je samen op zoek naar de oorsprong van trauma. Je kan hun hand vastnemen, maar je kan niet voor hen wandelen. En je kan hen ook niet meesleuren tegen hun zin, da’s tegen de ethiek. Uiteindelijk is geduld een essentieel aspect van helpen maar tot aan welk punt blijft dat zo? Vanaf wanneer wordt de helper een coping mechanism voor de client? En is zo’n dynamiek dan nog relevant? Dat je tijdelijk fungeert als coping mechanism is absoluut niet onredelijk; maar is dat nog steeds zo als het jaren aan een stuk blijft duren? Moet je dan soms die hand niet loslaten? Niet omdat je niet kàn helpen, maar omdat je WIL helpen? Zo’n keuze maken is altijd een risico, maar een leven zonder risico is een leven zonder waarde.
    Uiteindelijk is er geen absoluut antwoord. Het enige dat er is, is jouw keuze, van het ene moment tot het andere.

    Antwoord
    • Kim

      Bedankt voor je uitgebreide feedback. Ik vind het heel zinvol wat je schrijft. Geïnspireerd door NLP denk ik? Ik ben zelf niet zo’n fan van mantra’s, maar misschien is het wel het proberen waard. Wat je schrijft met betrekking tot het belang van bewustwording van de oorsprong van patronen in de kindertijd (trauma), daar ben ik het volledig mee eens. Dat proces ben ik voor mezelf aan het doorlopen.
      Ook je (voor)laatste alinea is op dit moment heel erg van toepassing voor mij. Ik worstel met een paar cliënten die ik al enkele jaren begeleid, maar die niet bereid zijn om op zoek te gaan naar of stil te staan bij de oorsprong van het trauma. Ik probeer zowel heel geduldig en begripvol te zijn als af en toe te trekken, maar helaas komt er soms weinig beweging. Dan heb ik inderdaad het gevoel dat ik als copingmechanisme ‘gebruikt wordt’, om te ventileren, om de illusie te koesteren dat ze ergens mee bezig zijn, maar eigenlijk ga ik dan gewoon mee in de vermijding. En dat voelt op de duur niet goed en niet zinvol meer. Enerzijds voel ik dat ik daar dan grenzen in wil stellen, dat ik voorwaarden wil stellen of afscheid wil nemen. Wat ik ook steeds meer durf en doe. Anderzijds zegt er een stem in mij dat er onvoorwaardelijke aanvaarding moet zijn, dat ik nog meer geduld moet hebben, dat ik maar meer mijn best moet doen om hen uit te leggen waar ik naartoe wil met hen en dat ik hen daar beter in moet begeleiden… Soms vertrouw ik op mijn gevoel en wil ik die kritische stem kwijt, maar soms geloof ik dat de kritische stem de waarheid spreekt. Het is een heel proces! En inderdaad op elk moment weer een keuze.

      Antwoord
      • houtje

        Ik denk dat jouw eigen intuïtie als mens die in de therapeut zit van onschatbare waarde is. Anders zouden we het werk beter door een robot laten doen, lijkt me!
        Elke situatie is uniek en vereist dus een unieke kijk, zoals je zelf al aangaf.
        Voor de rest kan ik misschien enkel nog meegeven dat je als therapeut een zekere connectie maakt met je client. Dit gebeurt grotendeels onbewust; het komt voort uit de empathie die je kan voelen.
        Natuurlijk kies je zelf hoe ver je dat laat komen en gelukkig is een sessie maar 1 uur. De vraag is: absorbeer je hun emoties voor een uur lang, of help je hen om op een meer gezonde en evenwichtige manier te denken door hun denkpatronen wat bij te sturen?
        In zo’n situatie grijp ik soms al eens terug naar naar die allegorie van Jesus die iemand leert vissen in plaats van een vis te geven.
        Eén ding is echter wel een absolute zekerheid: we mogen iemand nooit dwingen om naar de wortel van het probleem te gaan; als de keuze niet uit hen zelf komt, heeft niemand er iets aan. En voor sommigen zit het zo diepgeworteld dat een directe confrontatie helaas hun einde zou betekenen. We kunnen niemand dwingen; enkel een suggestie maken.
        En zo bekomen we dus die relatieve zekerheid dat elke situatie uniek is en een aangepaste aanpak van jou vergt. Soms luister je naar de kritische stem en hou je het nog wat langer vol en soms hak je een knoop door en bied je een vaarwel.
        De enige zekerheid is dat er geen absolute aanpak is. Er is enkel het moment en jouw inspiratie in dat moment: intuïtie. En vergeet niet dat voor jou het therapeut-zijn een pad is dat je bewandelt om een aspect te leren van wat het is om mens te zijn.
        (Ben niet echt vertrouwd met NLP; ik zou eerder stellen dat veel van m’n gedachten ontspringen bij Jung en dergelijke. Ik gebruik zelf ook niet echt mantra’s in die zin dat ik het omschreef; voor mij komt het er eerder op neer om op consistente basis bepaalde gedachten te verbinden met hun exacte tegengestelde. Op die manier bekom je na verloop van tijd het fenomeen waarbij bepaalde, repetitieve gedachten simpelweg ‘oplossen’. Je zou het kunnen vergelijken met een wiskundige vergelijking. Als je in je geest ongeduldigheid ziet, dan ga je actief op zoek naar geduld. Verder kan je ook op zoek gaan naar enerzijds alle dingen waarvoor je een aversie hebt en anderzijds alle dingen waarvoor je een aantrekking voelt. En vervolgens verbind je die mentale concepten met hun antithese. Mits voldoende oefening en herhaling lossen die concepten op. Met betrekking tot het herhalen op consistente basis heeft het een gelijkaardig character als een mantra maar kan je het niet echt een mantra noemen.)

        Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.