Selecteer een pagina

Het is misschien een beetje vreemd voor een psycholoog, maar ik geloof eigenlijk niet zo in psychische diagnoses. Ik vind ze eerder stigmatiserend en belemmerend dan helpend. In dit artikel leg ik uit waarom.

Ten eerste heb ik het moeilijk met het woord ‘stoornis’, wat vaak voorkomt in de naam van psychische diagnoses. Het woord ‘persoonlijkheidsstoornis’ vind ik nog het ergste. Een gestoorde persoonlijkheid, erg mensvriendelijk vind ik dat niet klinken. Ik denk dat ik niet graag zo’n diagnose zou krijgen. Ik zou me veroordeeld voelen, gekrenkt, geen goede persoon, niet voldoend aan de normen van onze maatschappij.

Bovendien roepen psychische diagnoses bij mij het idee op dat het ziekten zijn waar je nooit meer (of heel moeilijk) van af raakt. Terwijl dat natuurlijk niet zo is, dat wordt ook niet gesuggereerd, maar toch komt het bij mij zo binnen. Bij mij komt het over alsof je een etiket opgekleefd krijgt met hele sterke lijm, zodat je het er nog heel moeilijk weer af kan trekken. En als je het er al weer af krijgt, dan is het stukje voor stukje, en blijft er volgens mij altijd een restje kleven dat je er nooit meer af krijgt.

En oké, het is niet gemakkelijk om te veranderen als je al jaren vastzit in een bepaald patroon, als je traumatische dingen hebt meegemaakt die je persoonlijkheid getekend hebben. Sommige eigenschappen van een persoonlijkheid zitten heel diep geworteld en zijn misschien zelfs niet meer volledig weg te krijgen. Maar dat wil niet zeggen dat je persoonlijkheid volledig gestoord is, dat er niets positiefs meer in je zit. Ik geloof ook dat je er altijd wel iets aan kan veranderen, al gaat dat misschien heel langzaam. Als je via gesprekstherapie traumatische gebeurtenissen een plaats kan geven en meer inzicht krijgt in je gedrag, je emoties en je persoonlijkheid, geloof ik dat je je er bewuster van zal zijn en dus ook bewuster zal kunnen kiezen hoe je je gedraagt en voelt.

En nu kan je misschien denken: met een diagnose kan dat toch ook? Ja, misschien wel, maar ik denk dat een diagnose ook net het tegenovergestelde effect kan hebben, namelijk het ongewenste gedrag van mensen (onbewust) nog versterken. Volgens mij werkt een diagnose vaak als een soort van self-fulfilling prophecy. Ik denk dat mensen die een diagnose opgekleefd krijgen daar vaak (onbewust) naar gaan leven, net omdat ze in dat bepaalde hokje geclassifieerd zijn met zo’n sterk etiket dat het nog moeilijk van zich af te trekken is. Bovendien is het ook door een dokter of psychiater opgekleefd, personen die vaak toch wel wat macht toegekend krijgen, wat veel mensen ook het gevoel geeft dat het de enige waarheid is.

Bovendien denk ik dat iedereen die de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of mental disorders, waar alle psychische diagnoses in staan) leest, zich wel in een aantal ‘stoornissen’ herkent. Dat merkte ik zelf ook toen ik studeerde. Verschillende keren dacht ik: oei, dat heb ik ook! In de DSM worden telkens een aantal criteria genoemd die van toepassing zijn bij een bepaalde stoornis. Een aantal daarvan komen volgens mij in meerdere of mindere mate bij een groot deel van de bevolking voor. Daarom wordt er telkens met een bepaalde cut-off gewerkt: je moet dan bijvoorbeeld aan 6 van de 9 criteria voldoen om de diagnose te krijgen. Maar wie heeft dat cijfertje bepaald? En wat als je dan aan ‘slechts’ 5 kenmerken voldoet? Dan is er opeens niets meer aan de hand. En of je nu aan 6 of 9 criteria voldoet, dat maakt ook geen verschil, diagnose is diagnose. Er wordt totaal geen rekening gehouden met individuele verschillen. Natuurlijk is de DSM een classificatiesysteem en is het de bedoeling dat mensen in bepaalde hokjes geclassificeerd worden, maar ik zie daar eerlijk gezegd het nut niet echt van in.

Oké, een diagnose kan de communicatie vergemakkelijken, maar ook dat vind ik een valkuil. Want wat de ene verstaat onder een bepaalde stoornis, ziet de andere misschien anders. Natuurlijk zijn er vaste criteria beschreven en zou een diagnose in principe dus voor iedereen hetzelfde moeten zijn, maar net door de individuele verschillen die er zijn denk ik dat verschillende mensen toch een verschillend beeld over een bepaalde diagnose/stoornis kunnen hebben. En omgekeerd kan het ook een gevaar zijn: misschien heeft iedereen wél hetzelfde beeld van een bepaalde diagnose, waardoor er geen oog meer is voor individuele verschillen. Elke persoon met ‘borderline’ of een ‘ontwijkende persoonlijkheidsstoornis’ of welke diagnose dan ook, is anders. Een etiket op iemand plakken komt voor mij een beetje denigrerend over, alsof die persoon alleen maar dat is en alsof alle personen met die diagnose op dezelfde hoop te gooien zijn.

Ik luister dus liever gewoon naar het unieke verhaal van elke persoon, naar zijn eigen zwakheden en lasten maar zeker ook naar zijn krachten, want die heeft ook iedereen. Iedereen is anders, iedereen heeft een uniek pakket van persoonlijkheidseigenschappen wat maakt dat er geen twee dezelfde personen rondlopen. Als mensen naar mij toekomen met een diagnose, zal ik die dus ook altijd wat relativeren en zal ik ruimte maken voor het volledige en unieke verhaal van die persoon.

Bovendien denk ik dat er tegenwoordig overgediagnosticeerd wordt. Zo had ik bijvoorbeeld een cliënt die van de psychiater van zijn vrouw al bijna het etiket ‘autistische stoornis’ opgeplakt kreeg, zonder dat hij die man ooit ontmoet had! Daar stond ik natuurlijk nogal sceptisch tegenover. Ik liet mijn cliënt me zijn verhaal vertellen en hoewel ik ergens wel een beetje begreep vanwaar die psychiater het haalde, zag ik helemaal geen ‘autist’ in hem.

Toch merk ik dat veel mensen met psychische problemen (in eerste instantie) op zoek zijn naar een diagnose. Ik merk dat ze het fijn vinden om te weten wat er met hen ‘aan de hand is’ en om te weten dat ze niet alleen zijn. Sommigen zeggen dat ze zichzelf op die manier beter begrijpen, dat ze andere inzichten krijgen in hun gedrag en emoties dankzij een diagnose. Ergens kan ik dat begrijpen, ik vind het ook positief als mensen zichzelf beter leren begrijpen en weten dat ze niet de enige zijn met een bepaald probleem. Maar daarvoor is een diagnose volgens mij niet nodig. Ook in therapie kan je met iemand op zoek gaan naar nieuwe inzichten over zichzelf, zonder daar een etiket op te kleven. Ik zeg ook altijd tegen de mensen dat ze zeker niet de enige zijn met dat probleem, omdat ik herkenbaarheid belangrijk en helpend vind, en omdat het ook gewoon de waarheid is. Het is niet omdat er nog steeds niet zo open gepraat wordt over psychische problemen dat ze zelden voorkomen, integendeel.

Verder denk ik dat veel mensen de neiging hebben om psychische problemen met een medische bril te bekijken, alsof het een ziekte is die hen overkomt, waar ze zelf geen verantwoordelijkheid in hebben en waar ze zelf niets aan kunnen doen. Een ziekte die pas ‘behandeld’ kan worden als ‘de dokters’ weten wat er aan de hand is. Als de diagnose gesteld is en ze hebben het juiste ‘pilletje’ gekregen denken ze dat ze snel en makkelijk ‘genezen’ zullen zijn, maar zo werkt het helaas niet.

Maar goed, zolang een diagnose de cliënt echt kan helpen, de persoon niet nog dieper duwt en er voldoende ruimte blijft voor de unieke eigenschappen en het unieke levensverhaal van iedere persoon, ben ik er ook niet echt tegen. Voor mij persoonlijk hebben ze gewoon een negatieve bijklank en vormen ze geen meerwaarde, en ik zal ze dan ook niet gauw gebruiken.

Ik ben heel benieuwd: hoe kijk jij als psycholoog/therapeut/cliënt/’leek’ aan tegen psychische diagnoses?