Ik kreeg een boeiende vraag als reactie op het artikel “Vijf wijze lessen uit het boek ‘Therapie als geschenk’”. Iemand reageerde: “Hoe sta je tegenover al die cliënten die verliefd worden op u door die exclusieve aandacht, betrokkenheid, acceptatie,…?”. Rake vraag. 

‘Al die cliënten’ vind ik persoonlijk nogal extreem uitgedrukt. In mijn ervaring is dat eerder uitzonderlijk. Maar het gebeurt wel. Ik heb zelf in mijn prille carrière toch ook al twee keer meegemaakt dat de grenzen van de therapeutische relatie vervaagden, dat er op één of andere manier meer van mij verwacht werd dan wat ik kon en wilde betekenen. 

En inderdaad, die ‘exclusieve’ aandacht, betrokkenheid en acceptatie (waar vooral de cliëntgerichte therapie zoveel belang aan hecht)… die kunnen wel een klimaat creëren waarin bepaalde gevoelens kunnen ontstaan. En wat dan? 

Ze zeggen weleens dat je de cliënten krijgt die je ‘aankan’. Ik denk soms dat daar wel iets in zit. Want toevallig (of niet toevallig?) had ik enkele maanden geleden een les ‘Gevalstudies uit de cliëntgerichte therapie’ die ging over verliefdheid in de therapeutische relatie. Daar nam ik vooral uit mee dat gevoelens van liefde of vriendschap van cliënt naar therapeut op zich oké zijn. Dat kan nu eenmaal gebeuren in een relatie waarin persoonlijke dingen besproken worden en een hoge mate van empathie, aanvaarding en betrokkenheid is. Soms is het zelfs een onderdeel van het therapeutisch proces, waarbij de cliënt zich leert hechten. We leerden om er rustig onder te blijven en de gevoelens van de cliënt te exploreren. Zolang de therapeut maar duidelijk maakt dat er geen relatie kan zijn buiten het therapeutisch kader. De docent sprak zelfs uit dat de cliënt eigenlijk grenzen mag proberen overschrijden, maar dat het aan de therapeut is om de grenzen vriendelijk te bewaken… Dat vind ik een heel interessante uitspraak.

Maar het is inderdaad niet evident als dat dan effectief gebeurt… Soms worden cliënten dan gekwetst of haken ze af… Soms kunnen ze leren dat er een grote betrokkenheid kan zijn zonder dat daar verliefdheid mee gepaard gaat… 

Ik vind het zelf ook nog heel erg zoeken als die grens vervaagt… Trouwens, waar ligt de grens precies? 

Enkele maanden geleden maakte ik mee dat een cliënt letterlijk uitsprak dat hij verliefde gevoelens voor mij had. Ik ben daar toen rustig onder kunnen blijven en heb dit met hem verder geëxploreerd, maar hem ook vriendelijk duidelijk gemaakt dat dit niet wederzijds was. Toch ging hij steeds meer over mijn grenzen heen, probeerde hij me op verschillende manieren te testen. Ik vond het heel moeilijk om met heel deze situatie om te gaan. Ik wilde hem heel graag helpen en geloof dat die betrokkenheid en acceptatie net was wat hij nodig had om te kunnen helen, maar ik kon en wilde hem niet geven wat hij hoopte. Uiteindelijk was het voor hem te pijnlijk en heeft hij de therapie stopgezet. Omdat hij nadien nog contact probeerde te zoeken op een manier die voor mij niet oké was, heb ik ook mijn grens heel duidelijk moeten stellen. Toch vind ik het nog steeds jammer dat we hier niet overheen geraakt zijn. Het redderssyndroom noemen ze dat zeker?

Bij een andere cliënt kreeg ik zelf af en toe het gevoel dat hij meer van me verwachtte, door bepaalde dingen die hij zei of deed. Ik vond het heel moeilijk om het ter sprake te brengen, omdat ik nooit goed wist of hij er effectief iets mee bedoelde, of dat ik het verkeerd interpreteerde. Uiteindelijk liet ik het opstapelen totdat het me op een bepaald moment te veel werd. Ik had toen het gevoel dat ik het meteen kwijt moest omdat ik vlak na de sessie heel goed voelde wat hij met me deed, en eerlijk gezegd was ik bang dat ik het niet zou durven bespreken. Dus stuurde ik hem een mail om hem proberen uit te leggen welk gevoel ik kreeg door bepaalde dingen die hij zei of deed. Stom, achteraf, want dat kwam voor hem wel hard aan. 

Intussen hebben we het wel uitgebreid kunnen bespreken en daar ben ik blij om. Door het uit te stellen is het groter geworden dan nodig was, en daar voel ik me wel wat schuldig om ten opzichte van mijn cliënt. Ik heb eruit geleerd dat ik zoiets sneller ter sprake mag brengen. Dat lijkt moeilijk, maar dat hoeft het eigenlijk niet te zijn. Je kan bijvoorbeeld zeggen: ‘Ik merk dat ik door bepaalde dingen die je zegt of doet (je kan dan benoemen wat precies) soms het gevoel krijg dat je meer van mij verwacht dan enkel jouw psycholoog zijn… soms heb ik het idee dat je verliefde gevoelens hebt voor mij, maar het zou kunnen dat ik me vergis?’. 

Ik heb nu wel ondervonden dat ik zelf nog wat zoekend ben in hoe ik kan omgaan met een therapeutische relatie die dichtbij komt. Enerzijds ben ik heel erg blij dat ik veel voor mijn cliënt kan betekenen door ‘gewoon maar’ betrokken te zijn, te luisteren en te erkennen. Ik wou dat meer cliënten hier vrede mee namen en geen te hoge verwachtingen hadden. Ik geloof ook in de helende kracht van de therapeutische relatie. Anderzijds voel ik ook dat dit soms nogal dichtbij komt en persoonlijk wordt. Ik heb er geen probleem mee om echt mezelf te zijn als therapeut en om open te zijn over mezelf (wanneer ik denk dat dat gepast is), maar voel dan wel een soort angst dat de ander daarin afhankelijk van mij zou worden of dat ik dan tegemoet moet komen aan de verwachtingen die ik denk dat mijn cliënt heeft, omdat ik hem niet wil kwetsen

Dat is een thema waar ik nog verder mee aan de slag wil in supervisie en leertherapie. Maar op dit moment denk ik dat ik mag leren te verdragen dat een cliënt veel belang hecht aan de therapeutische relatie en dat daar net een hele mooie groei uit kan voortkomen. Zowel voor mijn cliënt als voor mezelf

Ik ben heel benieuwd, hoe kijk jij naar dit thema? Hoe zou jij hiermee omgaan? Heb je hier zelf ervaring mee?